Soms zie je alleen je eigen uitvalmomenten, niet de eindeloze kilometers die je al hebt afgelegd op pure wilskracht. Pas later besef je dat je niet tekortschiet — je bent gewoon uitgeput van het altijd doorgaan.
Het misverstand van luiheid
Jarenlang heb ik gedacht dat ik gewoon niet genoeg discipline had. Als ik na een drukke dag op de bank plofte, dingen uitstelde of een afspraak afzegde, zag ik dat als bewijs: zie je wel, ik ben lui.
Dat beeld werd mijn hele leven bevestigd — subtiel, minder subtiel, rechtstreeks of achter mijn rug. De boodschap was: “Je moet gewoon wat beter je best doen.” Of erger: “Je hebt gewoon een flinke schop onder je hol nodig.” “Zet nou toch eens door, hup je tanden erin en niet zeuren.” En ik geloofde het. Want als je iets maar vaak genoeg hoort, uit verschillende hoeken, dan ga je het uiteindelijk zelf geloven. Alsof de psychische afranselingen (overigens meestal niet kwaad bedoeld) van mijn omgeving nog niet genoeg waren, deed ik er zelf nog een paar scheppen bovenop.

Overleven op standje turbo
Pas toen ik — hierover later meer in een ander blog — begon te lezen over neurodivergentie en mezelf in allerlei kenmerken enorm herkende, begon ik te twijfelen aan dat beeld. “Maar wacht eens… als dit is wie ik ben, dan gaat het niet om luiheid. Dan is er iets heel anders aan de hand.”
Toen ik de diagnose ADHD-C kreeg, mét mijn comorbiditeiten, durfde ik pas te overwegen dat ik helemaal niet lui was. Ik draaide gewoon al die tijd op standje turbo. Altijd alert. Altijd paraat. Altijd nét dat beetje extra geven. Alsof er een onzichtbare motor in me draaide die maar bleef gassen. Het voelde normaal — tot mijn lijf het niet meer trok. Slapen lukte slecht, mijn schouders stonden altijd strak, en mijn hoofd was constant aan. Voor mij was dat overleven: vooruit blijven gaan, ongeacht de prijs.

Kennis over iets hebben is één ding. Er iets aan doen is een heel ander verhaal. Want terwijl ik dit schrijf, zit ik midden in zo’n turbo-periode.
Doortje Drift is nog maar een paar dagen oud en voelt al als iets waar ik mijn hele hart in kwijt kan. Het geeft me energie, richting, plezier. Maar… ik merk ook de andere kant. Mijn spieren doen pijn, mijn hoofd bonkt al dagen, en toch wil ik niet stoppen. Ik wil alles doen, alles tegelijk, omdat het zó goed voelt. En ergens weet ik: dit is precies hoe ik mezelf soms opbrand.
De rekening die later komt
Die prijs komt vaak pas dagen later. Dan komt de terugslag: plotseling geen energie meer, geen prikkel kunnen verdragen, huilbuien zonder duidelijke reden, of in een donker gat vallen. Soms weet ik niet eens meer waar ik moet beginnen.
Van buiten lijkt het misschien op luiheid. Van binnen is het gewoon leegte. Met mijn neurodivergente brein — ADHD, ASS en hoogbegaafdheid in één pakket — komt dat vaker voor. Hyperfocus, overprikkeling, perfectionisme… het is een cocktail die je ver kan brengen, maar ook hard kan laten crashen.
Wat helpt voor mij
Eerlijk? Dat weet ik nog niet precies. Ik zit nog midden in de verwerkingsfase van mijn diagnose. Ik lees veel, zoek van alles op en krijg professionele begeleiding. En ja — anno 2025 helpt ChatGPT me ook om dingen op een rijtje te zetten, en daar ben ik stiekem erg blij mee. Ik leer nu wat ik kan gaan doen. Wat ik kan uitproberen. Welke tools helpen om uitputting te voorkomen. Ik moet leren om mijn energie te verdelen. Rustmomenten inplannen vóórdat ik instort. Nee zeggen — ook tegen mezelf. Zelfs als ik bang ben iemand teleur te stellen, of als ik mezelf moet teleurstellen. Ik moet leren doseren. Mijn dagen zo inrichten dat er ruimte is om adem te halen.
En tot nu toe blijft het vaak nog bij kennis. Het lukt me nog niet altijd om het toe te passen. Ik heb handvatten bij de handvatten nodig.
Maar één groot voordeel: als ik straks instort, hoef ik mezelf niet meer op mijn donder te geven. Niemand hoeft me nog een trap onder mijn hol te verkopen. Ik weet hoe het komt — en dat betekent dat ik vanuit rust kan herstellen. Bewust onbekwaam, noemen ze dat volgens mij. Maar hé, de trein is net vertrokken. En er gloort licht aan het einde van de tunnel.
De nieuwe blik op mezelf
Het besef dat ik niet lui ben, maar gewoon moe van het overleven, heeft mijn blik veranderd.
Ik hoef mezelf niet meer te veroordelen voor die momenten op de bank. Het zijn geen tekenen van falen, maar van herstel. En dat voelt als thuiskomen bij mezelf.
Hoe ziet jouw standje turbo eruit, en wat doe jij om weer op te laden? Deel het hieronder — misschien herken jij jezelf ook in dit verhaal. 💛

Geef een reactie